Woordenlijst

A (33) | B (43) | C (30) | D (34) | E (37) | F (15) | G (51) | H (25) | I (29) | K (25) | L (35) | M (33) | N (19) | O (13) | P (31) | R (19) | S (30) | T (34) | U (5) | V (31) | W (15) | Z (12)

Milieubalans

Analytische en systematische aanpak, die rekening houdt met de relaties tussen de verschillende elementen, hun onderlinge effecten en hun compensatoire, synergetische en tegenstrijdige effecten. De milieubalans betreft met name de vermindering van de directe en indirecte impact op het milieu. (www.dictionnaire-environnement.com)

Milieubalans van het waterbeheer in België

Op basis van een analyse van de productie van leidingwater, uitgevoerd door de Universiteit van Luik (ULG - 2004) blijkt dat de milieu-impactinfo-icon van het verbruik van een kubieke meter leidingwater overeenkomt met die van een autorit van 37 kilometer. Deze milieu-impact vloeit voornamelijk voort uit de volgende factoren: Drinkbaar maken van leidingwater: De behandelingen die nodig zijn voor het drinkbaar maken van leidingwater verbruiken veel energie (voor de waterwinning, het drinkbaar maken, de distributie, de bouw van infrastructuur enz.), chemische producten (ontsmetting, uitvlokking, enz.) en materiaal voor de realisatie van de infrastructuur (gebouwen) en de netten. Lekken van de waterleidingnetten en de collectieve saneringsinfrastructuur (rioleringinfo-icon): Een lekkend waterleidingnet annuleert de geleverde inspanningen voor de winning van het water, het drinkbaar maken en de distributie. Een lekkend rioolstelsel vervuilt de bodem en de grondwaterlagen. Het beheer van afvalwater: Hoewel de situatie dag na dag verbetert, wordt er nog altijd afvalwater rechtstreeks in oppervlaktewater geloosd, zonder of met een beperkte voorafgaande behandelinginfo-icon. Een voorbeeld: bij zware regenval stelt men nog altijd vast dat in de unitaire collectieve saneringsinfrastructuur een gedeelte van het verzamelde afvalwater (via overlaten) in oppervlaktewater wordt geloosd. Omgekeerd wordt het rendement van de waterzuiveringsstations aangetast door de verdunning van afvalwater door hemelwater en door het overlopen van waterlopen in het rioolstelsel. Men stelt ook in zones zonder riolering de aanwezigheid vast van weinig effectieve zuiveringsinstallaties, zoals septische putten. Wanneer deze installaties bovendien slecht of niet worden onderhouden, lozen ze weinig gezuiverd water in het natuurlijk milieu. Met deze installaties is een behandeling van eutrofiërende verontreiniging bovendien niet mogelijk (N en P). Het beheer van afvloeiend hemelwater: Het geïntegreerde beheer van hemelwater houdt rekening met de verschillende aspecten van de problematiek: • De overstromingen, met een toenemende trend van plotse overstromingen als gevolg van korte, intense regenbuien. • De vervuiling van het afvloeiende hemelwater afkomstig van ondoorlatende oppervlakken enz., en zelfs van sommige daken: stof, zware metaleninfo-icon, koolwaterstoffen, divers afval... De samenstelling van de oppervlakken waarlangs het water afvloeit vereist een bijzondere aandacht, om de vervuiling van het water tijdens het traject te beperken en de kwaliteit te verbeteren voor het in de natuur of in de collectieve saneringsinfrastructuur wordt geloosd.

Magnetisch veld

Kunstmatige magnetische velden ontstaan door wisselende elektrische velden of elektrische stroom. Elke elektrische lading die door een elektrisch veldinfo-icon in beweging wordt gezet, resulteert in een magnetisch inductieveld. Ze produceert een magnetische kracht die de baan van geladen deeltjes kan afbuigen (zonder de snelheid van de deeltjes te beïnvloeden). Hoe hoger de intensiteit van de stroom, hoe sterker het magnetische inductieveld. Als men zich van de bron ervan verwijdert, wordt het magnetisch veldinfo-icon aanzienlijk zwakker. De magnetische velden worden gemeten in [ampère/meter]. Veelal wordt echter de magnetische fluxdichtheid of inductie gemeten, uitgedrukt in tesla [T] of gauss [G] (1 mG = 0,1 µT). Als referentie geldt dat het aardmagnetisch veld 40 µT bedraagt en het magnetisch inductieveld opgewekt in het hart (gemeten met een elektrocardiogram) 0,00005 µT; In onze huizen bestaat het magnetisch inductieveld enkel rond toestellen die aan staan, m.a.w. toestellen die stroom verbruiken, zoals bv. transformators van printers, elektrische verwarming, wekkerradio's, hifiketens met een knipperlicht voor de klok enz. Het magnetische inductieveld houdt altijd verband met de stroomsterkte (in ampère). Zonder die ampères is er geen sprake van een meetbaar magnetisch inductieveld. Men kan dus besluiten dat een toestel aan moet staan alvorens er een magnetisch inductieveld rondom kan ontstaan. http://www.etudesetvie.be

Materiaalcyclus

De "cyclus van materialen"-aanpak kan op meerdere niveaus worden gehanteerd. Om een optimaal duurzaamheidsniveau uit het oogpunt van het materiaal te bereiken, moet de levenscyclusinfo-icon als volgt in aanmerking worden genomen: • ten minste voor de bouwmaterialen en -producten: de levenscyclus en de materiaalkeuze optimaliseren • bij voorkeur voor de bouwelementen waaruit het gebouw bestaat: ervoor zorgen dat ze kunnen worden uiteengehaald en dat de bestanddelen ervan kunnen worden hergebruikt, verwerkt en veranderd of kunnen worden teruggewonnen • idealiter voor het gebouw in zijn geheel: het aanpasbaar en flexibel maken

Milieuverklaring van type I

Milieuverklaringen van type I (overeenkomstig ISO-norm 14020) zijn gebaseerd op expliciete criteria die rekening houden met de volledige levenscyclusinfo-icon van het product en worden onafhankelijk gecontroleerd. De bekendste zijn: het Europese ecolabel, het FSC-gelijkvormigheidsmerk, het PEFC-certificaat, het Nature Plus-label, de Scandinavische 'Nordic Swaninfo-icon' en de Duitse 'Blaue Engelinfo-icon' (bron: http://www.cstc.be).

Milieuverklaring van type II

Milieuverklaringen van type II zijn zogenaamde 'zelfverklaringen': het gaat om verklaringen van de producent of de distributeur die echter niet worden gecontroleerd door derden (bron: http://www.cstc.be).

Milieuverklaring van type III

Milieuverklaringen van type III (de Environmental Product Declarations of EPD's, bv.) zijn informatiefiches waarin de producent of de distributeur kwantitatieve gegevens verstrekt over de milieu-impactinfo-icon van de producten tijdens de volledige levenscyclusinfo-icon ervan. Deze gegevens worden gecontroleerd door een onafhankelijke derde partij. Derhalve willen wij er de aandacht op vestigen dat de CEN TC 350 momenteel een Europese norm met betrekking tot de EPD's voor bouwproducten aan het opstellen is, evenals een norm met betrekking tot de berekeningsmethodes voor de beoordeling van de milieu-impact van de gebouweninfo-icon. Op dit ogenblijk zijn dergelijke EPD's nog niet verkrijgbaar op de Belgische markt (bron: http://www.wtcb.be).

Maskeringseffect

We zeggen dat lawaai gemaskeerd is wanneer het geluidsniveau 10 dB[A] lager is dan het geluidsniveau van een ander lawaai, dat tegelijk wordt geproduceerd. Dat betekent dat een waarnemer in aanwezigheid van meerdere lawaaibronnen alleen een zeker lawaai hoort wanneer het geluidsniveau hiervan minstens 10 dB[A] hoger is dan dat van de andere lawaaibronnen. We zeggen dan dat het de andere lawaaibronnen maskeert.

Massieve constructie-elementen in de zin van de OBEG

Massieve constructie-elementen in de zin van de OBEGinfo-icon: een constructie-element wordt als massief beschouwd als de massainfo-icon minstens 100 kg/m² is; gerekend vanaf de binnenkant tot aan een luchtlaag of een laag met een thermische geleidbaarheid van minder dan 0,20 W/(m.K).

Mechanische bevestiging

Een minder dikke bekleding wordt rechtstreeks bevestigd op het draagelement van de gevelmuur of op een houten of metalen (aluminium)structuur die eerst op de draagmuur is bevestigd. In dit geval wordt de bekleding rechtstreeks op de structuur bevestigd. In andere gevallen zijn er elementen aanwezig om de bekleding op de structuur te kunnen bevestigen.

Pagina's